C T

C T

Belgium

05-12-11

Ratua - Privé-eiland in de Pacific

Wat doet een Franse miljardair wanneer hij verliefd wordt op een eilandje, verloren in de grote Pacific. Gewoon kopen natuurlijk. En er een bounty-achtig paradijs van maken. De Franse eigenaar van Ratua Island passeerde tijdens een zeiltripje langs deze tropische sproet op een half uurtje varen van het eiland Santo in Vanuatu. Hij onderhandelde met de lokale stam en kreeg de lease voor 75 jaar te pakken (volgens een lokale visser voor amper 200.000 euro) om met het eilandje zijn ding te doen.
Eerst liet hij tientallen traditionele, houten huizen uit Indonesië overvliegen en terug in elkaar knutselen om er dan zelf vakantie te vieren. Tot vorig jaar, toen besliste de Fransman om er een kleinschalig hotel van te maken.

Eco-luxury heet dat met een modieus woord. Ratua Island heeft nergens airco, bijna geen plastic (de flesjes drinkwater niet meegerekend, jammer) en een deel van de opbrengst gaat naar een lokaal fonds.

Omdat er bijna geen visvangst is, valt in het water constant de natuurlijke en nautische survival of de fittest gade te slaan. Vanaf het terras van het hotel worden scholen sardienen opgejaagd door grotere vissen, de grotere vissen dan weer door enorme barracuda’s en wat daar verder in de diepere wateren gebeurt, dat wil ik liever niet weten.

Fijn is ook dat de Ni-Van, de bevolking van Vanuatu, extreem vriendelijk zij. Ze lijken constant te lachen, geen gegrol of kwade blikken en niks is hen teveel gevraagd. Geen evident iets in de Pacific. Ik herinner me nog steeds de onvriendelijke ontvangst in Frans-Polynesië waar ze blijkbaar toeristen liever kwijt dan rijk zijn. Ook grote verrassing is dat er hier dikwijls vlot drie talen wordt gesproken: Engels, Bislama en Frans. Met dank aan de kolonisatie natuurlijk. Tankyu tru voor een glaasje freswot,  bijvoorbeeld.

Oceanië,  Vanuatu,  Ratua